NEN-Hub
🔍
DIN 46228 / IEC 60947-7-1

Adereindhulzen — krimpen van soepele geleiders in klemverbindingen

Beschikbaar in: en, nl, pl, ru, ua
Bijgewerkt: ≈ 4 min lezen

Adereindhulzen — krimpen van soepele geleiders in klemverbindingen

De kabelschoenen-krimpverbindingen-gids behandelt het krimpen van kabelschoenen voor grotere, permanente verbindingen. Dit artikel behandelt een verwant, maar ander onderdeel: de adereindhuls, gebruikt om het uiteinde van een soepele (meerdraads) geleider voor te bereiden op een klemverbinding in een schakelkast of verdeler.

Wat een adereindhuls doet

Een soepele geleider bestaat uit veel dunne draadjes in plaats van één massieve kern. Zonder bescherming waaieren die draadjes onder de druk van een schroefklem uit, waardoor losse draadjes buiten de klem kunnen uitsteken — met risico op kortsluiting met een naburige klem of een onvolledig, hoogohmig contact. Een adereindhuls (een metalen huls, vaak met een geïsoleerde kraag) wordt over het gestripte uiteinde geschoven en rondom de aders vastgeklemd, zodat de aders als één geheel, met een vaste vorm, in de klem terechtkomen.

Normen

Adereindhulzen zijn gestandaardiseerd volgens DIN 46228 (delen 1 en 4, voor de vorm en afmetingen van de huls), terwijl de eisen aan de klemverbinding zelf onder IEC 60947-7-1 (aansluitklemmen voor laagspanning) en EN 60999-1 vallen.

Schroefklem versus veerklem — niet altijd dezelfde regel

  • Schroefklem: bij een soepele geleider is een adereindhuls hier in de regel vereist — zonder huls kan de schroef de losse aders ongelijk samendrukken, met uitstekende draadjes als gevolg. Bij een massieve (eendraads) geleider is een huls niet nodig, omdat de geleider al één stevige kern vormt.
  • Veerklem (push-in/veerklemverbinding): hier ligt het genuanceerder. Sommige fabrikanten van moderne veerklemmen schrijven expliciet voor dat een adereindhuls niet nodig of zelfs af te raden is voor soepele geleiders, omdat de veerklem zelf al voldoende, gelijkmatige klemkracht op de losse aders uitoefent en een huls de door de fabrikant geteste klemwerking kan verstoren.

Let op: ga bij een veerklem niet standaard uit van "een huls kan nooit kwaad" — raadpleeg de installatie-instructie van de specifieke klem of het specifieke apparaat, want dit verschilt per fabrikant en klemtype.

Dubbele adereindhulzen

Voor het samenbrengen van twee geleiders onder één klem bestaan speciale dubbele adereindhulzen, met een tussenschot dat de twee aderbundels gescheiden houdt binnen één huls. Dit is alleen toegestaan wanneer de klem zelf expliciet geschikt is voor twee geleiders — niet elke klem staat dit toe, ongeacht of er een (dubbele) huls wordt gebruikt.

Het juiste gereedschap

Een adereindhuls moet worden gezet met een specifieke krimptang, afgestemd op de doorsnede van de huls. Een gewone combinatietang drukt de huls ongelijkmatig en met te weinig, niet-gestandaardiseerde kracht samen, wat een losse of onbetrouwbare verbinding oplevert die er aan de buitenkant toch "gekrompen" uitziet. Bij correcte montage is bij kleinere doorsneden doorgaans een klein stukje van de blanke aders (in de orde van 1 mm) net zichtbaar aan het uiteinde van de huls — een huls die volledig "leeg" ingestoken lijkt of waarbij de aders er ver uitsteken, wijst op een verkeerde striplengte.

Praktische relevantie

Bij het aansluiten van soepele bedrading in een schakelkast, groepenkast of machinebesturingskast moet per klemtype worden vastgesteld of een adereindhuls vereist, toegestaan of juist ongewenst is — en moet vervolgens het juiste, specifiek voor die doorsnede bedoelde krimpgereedschap worden gebruikt, niet een algemene tang die toevallig "ook wel past".

Veelgemaakte fouten

  1. Een gewone (combinatie)tang gebruiken in plaats van een specifieke krimptang — dit levert een ongelijkmatige, niet-gegarandeerde krimp op, ook al oogt de huls op het eerste gezicht correct gezet.
  2. Standaard een adereindhuls plaatsen in een veerklem, zonder te controleren of de fabrikant van die specifieke klem dit juist afraadt.
  3. Een huls gebruiken die niet bij de doorsnede van de geleider past (te klein of te groot), waardoor de aders niet volledig worden omsloten of de huls niet stevig vastklemt.

Gerelateerd

Verder lezen

Verwante termen