Functionele aarding vs. beschermende aarding (FE vs PE)
Het onderscheid tussen functionele aarding (FE), die uitsluitend dient voor de correcte werking van apparatuur — bijvoorbeeld als referentiepotentiaal voor elektronische signaalverwerking, EMC-filters of overspanningsafleiders in telecom- en ICT-installaties — en beschermende aarding (PE), die specifiek is bedoeld om bij een isolatiefout een gevaarlijke aanrakingsspanning op geleidende delen te voorkomen conform IEC 60364-4-41. Een functionele aardgeleider mag nooit als enige beschermingsmaatregel tegen elektrische schok worden beschouwd, ook niet als deze fysiek op dezelfde rail is aangesloten als de PE. Worden FE en PE gecombineerd tot één geleider, dan moet die gecombineerde geleider aan alle eisen voor een PE-geleider voldoen (minimale doorsnede, ononderbroken continuïteit, geen schakelaar in serie) conform IEC 60364-5-54, ongeacht of de functionele toepassing minder zware eisen zou toestaan.
Bij een serverruimte wordt een aparte FE-rail voor de EMC-aarding van 19"-racks aangelegd naast de reguliere PE, maar beide worden uiteindelijk op hetzelfde hoofdaardpunt samengevoegd zodat er geen potentiaalverschil ontstaat.
Een FE-aansluiting van ICT-apparatuur beschouwen als voldoende beschermingsmaatregel tegen elektrische schok — FE garandeert geen beschermingsniveau en vervangt nooit een correct aangelegde PE-verbinding.
Zie ook
- → §411 Beschermende aarding (PE)
- → §444.6 / IEC 60364-4-44 Functionele aarding (FE) versus beschermende aarding (PE) — twee verschillende doelen, met of zonder gedeelde geleider
- → IEC 60364-5-56 / NEN-EN 81-20 / NEN-EN 81-50 Liftinstallaties — voeding, aarding en RCD-bescherming van personenliften
- → §131 Beschermingsprincipes
- → §412 / IEC 60364-4-41 §412 — Basisbescherming tegen directe aanraking, IP2X en de geleedvingertest
- → §411 Automatische uitschakeling van de voeding (AUV)