NEN-Hub
🔍
§531 / praktijk

RCBO (aardlekautomaat) versus losse aardlekschakelaar + installatieautomaat — de praktische afweging

Beschikbaar in: en, nl, pl, ru, ua
Bijgewerkt: ≈ 4 min lezen

RCBO (aardlekautomaat) versus losse aardlekschakelaar + installatieautomaat — de praktische afweging

De 531-rcd-gids behandelt hoe een aardlekschakelaar (ALS) en een aardlekautomaat (ALA/RCBO) op een schema of in een verdeler van elkaar te onderscheiden zijn. Dit artikel behandelt de vraag die daaraan voorafgaat: wanneer kies je voor een RCBO per groep, en wanneer voor een gedeelde aardlekschakelaar boven meerdere installatieautomaten?

Twee opbouwvarianten, hetzelfde beveiligingsdoel

  • RCBO (aardlekautomaat, ALA): differentieelbeveiliging (aardlek) en overstroombeveiliging (overbelasting/kortsluiting) in één toestel, per afzonderlijke groep.
  • Gedeelde aardlekschakelaar (ALS) boven meerdere installatieautomaten: één aardlekschakelaar bewaakt het gezamenlijke lekstroom van meerdere groepen, terwijl elke groep zijn eigen, aparte installatieautomaat heeft voor overstroombeveiliging.

Beide opbouwvarianten voldoen aan dezelfde beveiligingseis (aardlek- en overstroombeveiliging per groep), maar verschillen wezenlijk in wat er gebeurt bij een fout, en in kosten en paneelruimte.

Verschil 1 — spreiding van uitval bij een aardfout

Bij een RCBO per groep schakelt bij een aardfout uitsluitend de betreffende groep uit — andere groepen blijven onder spanning. Bij een gedeelde aardlekschakelaar boven bijvoorbeeld vier tot acht groepen schakelt bij een aardfout in één van die groepen de gehele aardlekschakelaar uit, waardoor alle groepen erachter tegelijk uitvallen — ook de groepen zonder fout. Bij een woninginstallatie kan dit bijvoorbeeld betekenen dat een aardfout in een tuinverlichting-groep ook de router, de koelkast en de verlichting op andere, foutloze groepen laat uitvallen.

Verschil 2 — kosten en paneelruimte

Een gedeelde aardlekschakelaar met losse installatieautomaten is doorgaans goedkoper per groep dan een RCBO per groep, en de gedeelde aardlekschakelaar zelf neemt relatief weinig extra paneelruimte in beslag ten opzichte van het aantal groepen dat hij bewaakt. RCBO's per groep zijn duurder in totaal (elke groep heeft zijn eigen, volledige toestel) en nemen doorgaans meer breedte per groep in de verdeler in beslag dan een losse installatieautomaat alleen.

Verschil 3 — foutdiagnose en vervanging

Bij een RCBO-uitval is de foutieve groep direct te identificeren (het uitgeschakelde toestel wíjst de groep aan). Bij een gedeelde aardlekschakelaar moet na uitval elke aangesloten groep afzonderlijk worden getest om de foutieve groep te vinden, omdat de aardlekschakelaar zelf niet aangeeft welke van de erachter liggende groepen de fout veroorzaakte. Bij een defect toestel geldt bovendien: een RCBO waarvan één van de twee functies (differentieel of overstroom) defect raakt, moet in zijn geheel worden vervangen; bij de losse opbouw kan de defecte functie afzonderlijk worden vervangen.

Let op: dit artikel gaat over de opbouwkeuze (één toestel per groep versus gedeeld), niet over het type aardlekbeveiliging (AC/A/F/B) — zie de rcd-typen-classificatie-gids voor die, onafhankelijke keuze. Zowel een RCBO als een losse aardlekschakelaar is in typen AC/A/F/B verkrijgbaar.

Praktische relevantie

Bij het ontwerpen van een verdeler moet expliciet worden afgewogen hoeveel groepen achter één gedeelde aardlekschakelaar acceptabel zijn — hoe meer groepen gedeeld worden, hoe lager de kosten per groep, maar hoe groter de impact (aantal gelijktijdig uitvallende groepen) bij een aardfout in één van die groepen. Voor kritieke of onafhankelijke belastingen (bijvoorbeeld een koelkast, een serverruimte, of een groep die niet gelijktijdig met andere groepen mag uitvallen) is een RCBO per groep vaak de betere keuze, ook al is deze duurder.

Veelgemaakte fouten

  1. Alle groepen achter één gedeelde aardlekschakelaar plaatsen "om kosten te besparen", zonder te beoordelen welke groepen onafhankelijk van elkaar moeten blijven functioneren bij een aardfout.
  2. Aannemen dat een RCBO-uitval hetzelfde diagnosetraject vergt als een gedeelde-aardlekschakelaar-uitval — een RCBO wijst de foutieve groep direct aan, een gedeelde aardlekschakelaar niet.
  3. De opbouwkeuze (RCBO versus gedeeld) verwarren met de typekeuze (AC/A/F/B) — dit zijn twee onafhankelijke beslissingen die allebei afzonderlijk moeten worden gemaakt.

Gerelateerd

Verder lezen