Ferroresonantie bij een spanningstransformator — waarom een ongeaard of via een Petersen-spoel geaard net onverklaarbare overspanningen kan krijgen
Ferroresonantie bij een spanningstransformator — waarom een ongeaard of via een Petersen-spoel geaard net onverklaarbare overspanningen kan krijgen
De gids over de Petersen-spoel behandelt hoe een resonant geaard middenspanningsnet een enkelvoudige aardfout bewust laat doorlopen zonder onmiddellijk uit te schakelen. Dit artikel behandelt een ander fenomeen dat specifiek in dat type net — en in een volledig ongeaard (IT-)net, zie de gids over IT-stelsel eerstefoutdetectie — kan optreden, los van elke daadwerkelijke aardfout: ferroresonantie tussen een spanningstransformator (VT) en de capaciteit van het net zelf.
Waarom een niet-star geaarde netster ferroresonantie mogelijk maakt
Bij een net met een solide geaard sterpunt ligt de spanning van elke fase ten opzichte van aarde vast, gedwongen door die lage-impedantie aardverbinding. Bij een ongeaard of resonant geaard (Petersen-spoel) middenspanningsnet is het sterpunt daarentegen niet, of slechts via een hoge impedantie, met aarde verbonden — het potentiaal van het sterpunt ten opzichte van aarde ligt dan niet star vast, maar wordt bepaald door de balans tussen de capaciteiten van de drie fasen naar aarde. Wordt op zo'n net een inductieve spanningstransformator aangesloten tussen fase en aarde (bijvoorbeeld voor spanningsmeting of voor een aardfoutindicatiesysteem), dan vormt de magnetiseringsinductantie van die VT, samen met de capaciteit van het net naar aarde, een LC-kring — precies de ingrediënten die nodig zijn voor resonantieverschijnselen.
Waarom dit geen gewone, lineaire resonantie is
Een gewone LC-resonantiekring heeft één vaste resonantiefrequentie, bepaald door een vaste inductantie en een vaste capaciteit. De magnetiseringsinductantie van een VT-kern is echter sterk niet- lineair: bij lage magnetische flux gedraagt de kern zich als een relatief hoge inductantie, maar zodra de kern richting verzadiging gaat, daalt de effectieve inductantie sterk. Deze niet-lineariteit maakt dat de LC-kring niet slechts op één vaste frequentie kan resoneren, maar — afhankelijk van een toevallige aanstoot, bijvoorbeeld het schakelen van een onbelaste kabel of transformator, of een kortstondige aardfout die zichzelf weer opheft — kan "vastklikken" in een van meerdere mogelijke, stabiele resonantietoestanden: bijvoorbeeld op de netfrequentie zelf, op een sub-harmonische frequentie (een breuk van de netfrequentie) of op een hogere harmonische. In elk van deze toestanden kan de spanning over de VT-wikkeling en de stroom erdoorheen sterk boven de normale bedrijfswaarden uitstijgen, en — anders dan een gewone, kortstondige schakeltransiënt — aanhoudend op dat verhoogde niveau blijven staan totdat de kring op een andere manier wordt verstoord.
Wat ferroresonantie in de praktijk veroorzaakt
- Oververhitting en falen van de VT zelf: de sterk verhoogde magnetiseringsstroom tijdens ferroresonantie kan de kern en de wikkeling van de spanningstransformator ver boven zijn thermische grenzen belasten, met een doorgebrande VT als mogelijk gevolg.
- Onverklaarbare, hoorbare bromtonen of trillingen van de VT-kern, vaak het eerste waarneembare symptoom voordat de VT daadwerkelijk faalt.
- Overspanning op de netfasen zelf, die andere op het net aangesloten apparatuur kan belasten, los van de VT waarin het fenomeen is ontstaan.
- Verwarrende metingen: een spanningsmeting of aardfoutindicatie die tijdens ferroresonantie een schijnbare aardfout aangeeft terwijl er in werkelijkheid geen fout op het net aanwezig is, wat een onnodige en tijdrovende foutzoektocht kan veroorzaken.
De gangbare tegenmaatregel: een belastingsweerstand op de open driehoek
De meest gangbare manier om ferroresonantie bij een VT op een ongeaard of resonant geaard net te onderdrukken, is het aanbrengen van een voldoende laagohmige belastingsweerstand over de open-driehoekwikkeling (de hulpwikkeling die normaal gesproken wordt gebruikt voor aardfoutdetectie) van de VT-set. Deze weerstand dempt de energie in de LC-kring voldoende om de niet-lineaire kern uit een eventuele ferroresonante toestand te houden of eruit te trekken, zonder de normale meet- of indicatiefunctie van de VT te verstoren. De weerstand kan permanent aangesloten zijn (thermisch gedimensioneerd om continu te kunnen dissiperen) of geschakeld worden ingezet zodra een ferroresonante toestand wordt gedetecteerd — een ontwerpkeuze die afhangt van de toegestane continue belasting van de VT en van de gewenste demping.
Let op: de exacte dimensionering van de belastingsweerstand, en de keuze tussen een permanente of geschakelde uitvoering, volgt uit een systeemstudie die rekening houdt met de daadwerkelijke netcapaciteit, het type en de magnetiseringskarakteristiek van de toegepaste VT; dit artikel behandelt het principe, niet een pasklare dimensioneringsformule voor elke netconfiguratie.
Praktische relevantie
Bij het ontwerpen of beoordelen van een aardfoutdetectiesysteem met inductieve spanningstransformatoren op een ongeaard of resonant geaard middenspanningsnet moet expliciet worden gecontroleerd of een voldoende gedimensioneerde dempingsweerstand op de open-driehoekwikkeling aanwezig is — het ontbreken hiervan is een bekende oorzaak van onverklaarbare VT-uitval en schijnbare aardfoutmeldingen die bij nadere foutzoektocht niet blijken te kloppen.
Veelgemaakte fouten
- Een inductieve spanningstransformator op een ongeaard of resonant geaard net aansluiten zonder dempingsweerstand op de open-driehoekwikkeling — dit laat het net vatbaar voor ferroresonantie na elke schakelhandeling of kortstondige aardfoutverstoring.
- Een ferroresonante VT-uitval verwarren met een gewone isolatiefout of fabricagefout — zonder het fenomeen te herkennen kan een vervangende VT, zonder de onderliggende oorzaak weg te nemen, opnieuw uitvallen.
- De dempingsweerstand ondimensioneren of overslaan om de metingen "gevoeliger" te maken — een te hoogohmige of ontbrekende weerstand vermindert de demping juist op het moment dat die het hardst nodig is.
- Een schijnbare aardfoutindicatie tijdens ferroresonantie zonder meer als een echte aardfout behandelen — dit kan tot een langdurige, vruchteloze foutzoektocht leiden terwijl het net in werkelijkheid foutvrij is.
Gerelateerd
Verder lezen
- §442Tijdelijke overspanning door een aardfout in het hoogspanningsnet (§442) — waarom de spanning aan het transformatorstation de laagspanningsinstallatie raakt
- IEC 60076-6Petersen-spoel (boogonderdrukkingsspoel) — resonant geaarde netten en waarom een aardfout niet meteen wordt uitgeschakeld
- §413.3Elektrische scheiding (§413.3) — een scheidingstransformator als beschermingsmaatregel zonder aarding
- IEC 60831-1 / Praktijk (condensatorbanken)Ontlaadweerstand van een condensatorbank — waarom een uitgeschakelde vermogenscondensator nog gevaarlijk geladen kan blijven
- Meetcode ElektriciteitGrootverbruikaansluitingen — indirecte meting via stroomtransformatoren
- §551 / IEC 60364-5-55Kortsluitvermogen van een noodstroomaggregaat — waarom beveiligingen bij generatorbedrijf anders kunnen reageren