Kabelhaspel — thermische beveiliging
Een oprolbare verlengkabel (haspel) die bij gebruik niet volledig is afgerold, warmt door de opgerolde windingen sterk op omdat de warmte van de stroomvoerende ader niet goed kan afvoeren; veel professionele haspels zijn daarom uitgerust met een thermische beveiliging (bimetaalschakelaar) die de voeding onderbreekt bij overschrijding van een kritische temperatuur. Bij een NEN 3140-inspectie van arbeidsmiddelen wordt gecontroleerd of deze thermische beveiliging aanwezig en functioneel is, en gebruikers moeten worden geïnstrueerd de haspel bij langdurig/zwaar gebruik altijd volledig af te rollen.
Op een bouwplaats gebruikt een elektricien een kabelhaspel met een zware verlengsnoer voor een cirkelzaag, maar rolt deze volledig af voordat hij het apparaat langere tijd laat draaien, om oververhitting van de gewikkelde kabel te voorkomen.
Een kabelhaspel slechts gedeeltelijk afrollen bij gebruik van een vermogenshongerig apparaat "omdat er toch genoeg lengte is" — de resterende gewikkelde windingen kunnen ondanks een werkende thermische beveiliging al vervormen of smelten voordat deze aanspreekt, vooral bij goedkopere haspels zonder deze beveiliging.
Zie ook
- → NEN-EN-IEC 60974 Booglassen — elektrische veiligheid en nullastspanning
- → IEC 61140 Beschermingsklasse I, II en III — IEC 61140
- → IEC 60364-6 / NEN-EN-IEC 61557-4 Continuïteitsmeting van de beschermingsleiding — de R1+R2-methode
- → Inspectie Kabelfout opsporen — TDR versus isolatieweerstandsmeting
- → IEC 61496 / ISO 13855 Lichtschermen (ESPE) — type 2 versus type 4, en de veiligheidsafstandsformule
- → Scope NEN-EN-IEC 60204-1 — elektrische veiligheid van machines