Generatorsynchronisatie (parallelschakeling met net)
Het proces waarbij een generator, voordat de koppelschakelaar naar een reeds gevoed net wordt gesloten, qua spanning, frequentie, fasevolgorde en fasehoek zo nauwkeurig mogelijk wordt afgestemd op dat net om schadelijke stroomstoten of mechanische schokken bij het sluiten te voorkomen. Een synchronisatierelais of -unit bewaakt deze grootheden continu en geeft pas vrijgave voor sluiten wanneer alle waarden binnen de toegestane toleranties liggen; bij overschrijding blokkeert het relais de sluiting. Foutieve synchronisatie — bijvoorbeeld sluiten bij een te grote fasehoekafwijking — kan leiden tot zeer hoge inschakelstromen die zowel de generator als de rest van de installatie ernstig kunnen beschadigen.
Bij een testrun van een noodstroomaggregaat met automatische netparallelfunctie controleert de inspecteur of het synchronisatierelais de koppeling pas vrijgeeft nadat spanning, frequentie en fasehoek van generator en net binnen de ingestelde toleranties overeenkomen.
De synchronisatiebeveiliging tijdens een handmatige noodprocedure overbruggen om een aggregaat 'sneller' op het net te krijgen — dit omzeilt juist de bescherming tegen de gevaarlijkste faalmodus van parallelschakeling en kan zowel de generator als aangesloten apparatuur direct beschadigen.
Zie ook
- → IEC TS 62478 (PD, UHF/TEV) Partiële ontlading in MS-schakelinstallaties — detectie met UHF- en TEV-sensoren
- → Praktijk (UPS static bypass) UPS-statische bypassschakelaar — thyristorschakeling en make-before-break-overdracht
- → Inspectie ATEX & explosiegevaarlijke zones — indeling en inspectie
- → IEC 60898-1 Thermische uitschakelkarakteristiek automaat — waarom omgevingstemperatuur de nominale waarde verschuift
- → EN 2 / IEC 61243 Blusmiddelen bij elektrische installaties — geen aparte "brandklasse E", wel een aparte spanningstest
- → IEC 60112 / IEC 61439-1 Comparative Tracking Index (CTI) van isolatiemateriaal — waarom de vervuilingsgraad de vereiste kruipafstand bepaalt