Dynamisch lastmanagement (laadpalen)
Besturingssysteem dat het beschikbare vermogen van een aansluiting continu bewaakt en het laadvermogen van meerdere EV-laadpunten in real time verdeelt of terugregelt, zodat de totale belasting nooit de contractueel beschikbare aansluitwaarde overschrijdt. Hierdoor kunnen meerdere laadpalen op een bestaande, beperkte aansluiting worden aangesloten zonder dat de hoofdzekering of hoofdschakelaar overbelast raakt, en zonder dat er een duur verzwaarde netaansluiting nodig is. Onder NEN 1010-7-722 mag lastmanagement worden meegerekend bij de bepaling van de gelijktijdigheidsfactor, mits het systeem aantoonbaar en betrouwbaar binnen de vereiste tijd bijstuurt.
Op een bedrijfsparkeerterrein met acht laadpalen en een aansluitwaarde van 3x80A verdeelt het lastmanagementsysteem het beschikbare vermogen dynamisch over de aangesloten voertuigen, zodat 's avonds bij volle bezetting niemand wordt afgesloten maar iedereen langzamer laadt.
Aannemen dat lastmanagement een vervanging is voor correcte beveiliging van de groep — het systeem regelt het gemiddelde vermogen, maar de kabel en groepsautomaat moeten nog steeds op basis van het maximale, ongestuurde kortstondige vermogen worden gedimensioneerd volgens de fabrikantspecificatie.
Zie ook
- → §722 (IEC 61851-1) Laadpleinen en dynamische lastbalancering — groepscapaciteit in plaats van optellen per laadpunt
- → §531 Aardlekschakelaars (RCD)
- → §722 Laadpunten voor elektrische voertuigen (EV)
- → NEN-EN 62034 Noodverlichting — automatische testsystemen (NEN-EN 62034)
- → §523.6 (IEC 60364-5-52 Annex E) De nulleider bij derde-harmonische belasting — waarom "hij is toch onbelast" niet klopt
- → §531 / IEC 61008-1 De nulstroomtransformator (kern) van een RCD — montage-eisen die de werking bepalen