Scheiding sterkstroom- en zwakstroomkabels
Vereiste uit NEN 1010 §528.3 om energiekabels (230/400 V) en signaal-/datakabels (bijvoorbeeld netwerk-, telefoon- of KNX-bekabeling) fysiek gescheiden te leggen of door een geaarde metalen scheidingswand in de kabelgoot te scheiden, om inductieve/capacitieve inkoppeling van storingen op de zwakstroomkabel te voorkomen. Bij kruisingen dient dit bij voorkeur haaks (90°) te gebeuren.
In een serverruimte wordt de 230 V-voedingskabel naar de UPS in een apart compartiment van de kabelgoot gelegd, gescheiden door een geaarde stalen scheidingswand van de naastliggende netwerkbekabeling.
Sterkstroom- en netwerkkabels los naast elkaar in dezelfde, ongescheiden kabelgoot leggen — bij lange parallelle trajecten kan dit storingen (bit-fouten, brom op audio/video) veroorzaken die pas achteraf lastig te herleiden zijn.
Zie ook
- → §444 EMC — scheiding van voedings- en datakabels (§444)
- → §413.3 Elektrische scheiding (§413.3) — een scheidingstransformator als beschermingsmaatregel zonder aarding
- → §710 Medische ruimten (§710) — Groep 2 IT-systeem, scheidingstransformator en isolatiebewaking
- → §712 Zonnestroomsystemen (PV)
- → IEC 62619 / IEC 62477-1 BESS — DC-zijde: overstroombeveiliging en kabeldimensionering van batterijopslagsystemen
- → NEN-EN-IEC 61439-1/-2 (3e editie) Groepsbelastingstroom vervangt gelijktijdigheidsfactor — dimensionering van hoofdleiding en verdeler