NEN-Hub
🔍
NEN-EN 60287

Bodemthermische weerstand bij ondergrondse kabels

Een eigenschap van de bodem rondom een direct in de grond gelegde kabel die aangeeft hoe goed of slecht de door de kabel opgewekte warmte via de omliggende aarde kan worden afgevoerd, uitgedrukt in K·m/W; een hoge bodemthermische weerstand (bijvoorbeeld bij droog zand of los opgevulde grond) belemmert de warmteafvoer en verlaagt daardoor de toelaatbare belastbaarheid van de kabel aanzienlijk ten opzichte van dezelfde kabel in vochtige, goed verdichte klei. Berekeningen volgens NEN-EN 60287 houden expliciet rekening met dit effect naast de reguliere correctiefactoren voor groepering, legdiepte en omgevingstemperatuur, en bij twijfel over de bodemsamenstelling — bijvoorbeeld bij droogvallende zandgrond in een warme zomer — kan een te optimistische aanname over bodemthermische weerstand leiden tot een kabel die in de praktijk structureel te heet wordt. Bij grote of langdurig zwaarbelaste tracés (zoals middenspanningskabels naar windparken of datacenters) wordt daarom soms een specifieke bodemthermische weerstandsmeting ter plaatse uitgevoerd in plaats van een aanname uit tabellen.

Praktijkvoorbeeld

Bij het ontwerp van een middenspanningskabeltracé naar een nieuw datacenter door zanderige grond laat de ontwerper een bodemthermische weerstandsmeting uitvoeren, omdat een te optimistische tabelwaarde zou kunnen leiden tot een ondergedimensioneerde kabel.

Veel-gemaakte fout

Bij het bepalen van de kabelbelastbaarheid standaard uitgaan van een gunstige tabelwaarde voor bodemthermische weerstand, zonder rekening te houden met lokale omstandigheden zoals uitdroging van zandgrond in de zomer die de werkelijke weerstand fors kan verhogen.

Zie ook

Beschikbaar in: English, Nederlands, Polski, Русский, Українська