NEN-Hub
🔍
ISO/IEC 17025

Meetonzekerheid — geaccrediteerd kalibratielaboratorium (ISO/IEC 17025)

Kwantitatieve schatting van de spreiding van waarden die redelijkerwijs aan een gemeten grootheid kunnen worden toegekend, vastgelegd op het kalibratiecertificaat van een meetinstrument (bijvoorbeeld een isolatietester of lusimpedantiemeter) dat is gekalibreerd door een volgens ISO/IEC 17025 geaccrediteerd laboratorium. De meetonzekerheid wordt doorgaans uitgedrukt als een uitgebreide onzekerheid (U) met een dekkingsfactor k=2, overeenkomend met een betrouwbaarheidsniveau van circa 95%, en omvat bijdragen van het referentie-instrument, omgevingsinvloeden en de meetmethode zelf. Bij het beoordelen of een gemeten waarde (bijvoorbeeld een lusimpedantie of isolatieweerstand) daadwerkelijk aan een grenswaarde voldoet, moet de meetonzekerheid van het gebruikte instrument in rekening worden gebracht: een meetresultaat vlak bij de grenswaarde kan bij een grote onzekerheidsband feitelijk niet aantonen of aan de eis wordt voldaan.

Praktijkvoorbeeld

Bij een grenswaarde-discussie over een gemeten lusimpedantie die net onder de norm valt, raadpleegt de inspecteur het kalibratiecertificaat van de meter om de meetonzekerheid mee te wegen in de conformiteitsbeoordeling.

Veel-gemaakte fout

Een meetinstrument gebruiken met een verlopen kalibratiecertificaat of van een niet-geaccrediteerd 'kalibratie'-bedrijf, en de meetwaarden zonder voorbehoud als bewijs van normconformiteit rapporteren — zonder een ISO/IEC 17025-traceerbare kalibratie is de meetonzekerheid niet aantoonbaar en het meetresultaat juridisch aanvechtbaar.

Zie ook

Beschikbaar in: English, Nederlands, Polski, Русский, Українська