NEN-Hub
🔍
NEN-EN 50575 / NEN 8012

Brandclassificatie van kabels — CPR (NEN-EN 50575) en NEN 8012

Beschikbaar in: en, nl, pl, ru, ua
Bijgewerkt: ≈ 3 min lezen

Brandclassificatie van kabels — CPR (NEN-EN 50575) en NEN 8012

Sinds 1 juli 2016/2017 moeten kabels die permanent in een bouwwerk worden geïnstalleerd, voldoen aan de Construction Products Regulation (CPR, Verordening (EU) 305/2011), uitgewerkt in NEN-EN 50575. Dit is een andere norm dan de brandwerende-kabeldoorvoeringen-gids (NEN-EN 1366-3): die laatste gaat over het afdichten van een doorvoering door een brandscheiding, terwijl deze gids gaat over het brandgedrag van het kabelmateriaal zelf (de mate waarin een kabel bijdraagt aan brandverspreiding en rookontwikkeling).

De Euroklassen (Aca t/m Fca)

NEN-EN 50575 kent zeven brandklassen voor kabels, aangeduid met het achtervoegsel "ca" (cable):

  • Aca — geen bijdrage aan brand.
  • B1ca / B2ca — zeer beperkte bijdrage.
  • Cca — beperkte bijdrage.
  • Dca — grotere bijdrage aan brand en rookontwikkeling dan Cca.
  • Eca — basisniveau (weerstand tegen vlamverspreiding gedurende een korte periode).
  • Fca — geen classificatie aangetoond (niet toegestaan voor vaste bouwinstallaties).

Naast de hoofdklasse (A–F) kent de classificatie aanvullende subclassificaties: s (smoke, rookproductie: s1/s2/s3), d (droplets, brandende druppels: d0/d1/d2) en a (acidity, zuurgraad/corrosiviteit van rookgassen: a1/a2/a3). Een volledige classificatie ziet er bijvoorbeeld uit als "Dca-s2,d2,a2".

NEN 8012 — de Nederlandse invulling

De CPR zelf schrijft geen minimale klasse per gebouwtype voor — die keuze is aan elke lidstaat. In Nederland is dat uitgewerkt in NEN 8012, die (in tegenstelling tot de zeven Europese klassen) het aantal praktisch te kiezen klassen beperkt en per gebruiksfunctie een minimum vaststelt via stroomschema's/risicofactoren in de norm zelf.

Let op: de exacte minimaal vereiste klasse per gebouwfunctie volgt uit de stroomschema's in NEN 8012 zelf (afhankelijk van gebruiksfunctie, vluchtroute-status en aanwezige brandbeveiligingsvoorzieningen) — dit artikel geeft het classificatieprincipe, geen uitputtende tabel per gebouwtype.

Waarom dit relevant is

  • Vluchtroutes en verblijfsruimten met verhoogd risico vereisen doorgaans een hogere klasse (Cca of hoger) dan reguliere utiliteitsruimten (waar Dca vaak het praktische minimum is).
  • Smoke-classificatie is aangescherpt: voor kabels met brandklasse Dca is de minimale rookklasse inmiddels s2 (voorheen s3) — een kabel die aan de oudere s3-eis voldeed, voldoet niet automatisch meer aan de huidige eis.
  • Bij uitbreiding van bekabeling in een bestaande hal (bijvoorbeeld extra voedingskabels voor assimilatiebelichting of klimaatapparatuur) moet de toegepaste kabel dezelfde CPR-klasse halen als de rest van de installatie in die gebruiksfunctie — een lagere klasse "omdat het toch maar een paar meter is" is niet toegestaan.

Veelgemaakte fouten

  1. CPR-brandclassificatie verwarren met de doorvoerafdichting (NEN-EN 1366-3) — dit zijn twee aparte, elkaar aanvullende eisen: de kabel zelf én de doorvoering waar hij doorheen loopt moeten allebei aan hun eigen norm voldoen.
  2. Aannemen dat elke lidstaat dezelfde minimumklasse per gebouwtype hanteert — de CPR-Euroklassen zijn Europees geharmoniseerd, maar de verplichte minimumklasse is nationaal ingevuld (in Nederland via NEN 8012).
  3. Een kabel met verouderde s3-rookclassificatie hergebruiken in een toepassing die inmiddels s2 vereist, zonder dit te verifiëren.

Gerelateerd

Verder lezen

Verwante termen